Onderwijs deel 1.6
1901-1968
In 1901 werd het verplicht voor kinderen om naar school te gaan. Veel kinderen gingen hiervoor in de winter al naar de lagere school. Op dagen dat men het druk had op het land, bleven zij thuis. Na de invoering van de leerplicht wilden ouders hun kinderen soms nog thuishouden, bijvoorbeeld tijdens het zaaien. Gemeenten hielden streng toezicht op schoolverzuim, wat terug te vinden is in de gemeentearchieven. Vanaf 1921 kregen naast de openbare scholen ook bijzondere scholen subsidie. Het oprichten van scholen gebeurde vooral op initiatief van kerkbesturen. De staat betaalde deze scholen, zonder dat zij het beleid mocht bepalen. Het kerkbestuur fungeerde dan vaak als schoolbestuur. Men wilde zoveel mogelijk gebruikmaken van eigen instellingen om ‘besmetting’ met verkeerde ideeën te voorkomen. Steeds meer mensen stroomden vanuit het basisonderwijs door naar vervolgonderwijs. In deze periode werd de leerplicht steeds verder uitgebreid en moesten kinderen langer naar school. De schaalvergroting binnen het voortgezet en beroepsonderwijs leidde tot de vorming van grote scholengemeenschappen. In 1968 kwam de ‘Mammoetwet’ waardoor het voortgezet onderwijs drastisch veranderde. Vanaf 1975 werd de leerplicht verder uitgebreid en vanaf dat moment ging vrijwel iedereen ook naar vervolgonderwijs. Vanaf 1985 werden het kleuter- en basisonderwijs samengevoegd. De verzuiling binnen het onderwijs bleef in naam bestaan, maar de bemoeienis van pastoors en dominees nam af.
Tip:
Maak vooral gebruik van gemeentearchieven. De gemeenteraad had met name veel invloed op de openbare scholen. Zij benoemde en ontsloeg de onderwijzers, bepaalde de hoogte van het schoolgeld dat zij inde en zij beheerde de subsidieaanvragen. Maak daarnaast gebruik van katholieke en gereformeerde kerkarchieven als deze aan het hoofd stonden van een bijzondere school. Subsidieaanvragen van deze bijzondere scholen verliepen via de gemeenteraad. Vervolgonderwijs had vaker een particulier karakter. De rol van de gemeente in de financiering werd wel groter in de loop van de tijd. Raadpleeg bij voorkeur de archieven van de scholen zelf. Soms ligt dit nog bij de (besturende)instantie, of de rechtsopvolgers hiervan. Houd er bij de meer recente bronnen rekening mee dat het mogelijk is dat persoonlijke dossiers niet altijd open zijn voor inzage wegens de privacywetgeving. Zie hiervoor het informatieblad 'Openbaarheid en inzage' via de onderstaande button.